Eerlijk

Als de ander afhaakt

De zwakke plek van samen trainen: de ander is de reden dat je begint, en kan de reden worden dat je stopt. Dat hoeft niet, als je het vooraf regelt.

Wat er meestal gebeurt

Niet een groot besluit maar een reeks kleine. De ander kan een keer niet, jullie schuiven de training, de week erna kan jij niet, en na een maand is er geen ritme meer. Niemand heeft afgehaakt en toch is het gestopt.

De ene afspraak die dit voorkomt

Het uur gaat door met wie er is. Als een van de twee niet kan, traint de ander alleen; de sessie gaat gewoon van de kaart. Dat voelt bij het afspreken streng en is in de praktijk de reden dat duo's die het volhouden, het volhouden.

Als de ander echt stopt

Dan verandert er minder dan het lijkt. De kaart staat op naam van één persoon en loopt door. De trainer is dezelfde, de dag en het uur ook. Wat verandert is het bedrag per keer, en dat is het moment om te kiezen: alleen doorgaan, iemand anders vragen, of van twee keer per week naar één keer met een thuisschema, wat bij alle drie de aanbieders een normale stap is.

Niet doen

  • Wachten tot de ander weer kan.
  • De kaart laten liggen; die is lang geldig, maar het ritme niet.
  • De ander overhalen. Wie gestopt is, is gestopt.

Wel doen

  • De eerstvolgende training gewoon alleen doen.
  • De trainer vertellen wat er speelt; die heeft dit vaker gezien.
  • Binnen twee weken beslissen hoe je verdergaat.
Twee mensen trainen samen op een grasveld
Samen beginnen is makkelijk. De afspraak over wat er gebeurt als een van de twee wegvalt, bepaalt of het blijft.